KenniscentrumZiekte/aandoeningBloedvatontstekingsziektes › Reuscelarteriitis (RCA) › Reuscelarteriitis (RCA)

Reuscelarteriitis (RCA)

Giant Cell Arteriitis/arteriitis temporalis

Reuscelarteriitis is een reumatische bloedvatontstekingsziekte waarbij ontstekingen ontstaan in voornamelijk grote slagaders, zoals de aorta (levensslagader) en aftakkingen van de aorta die richting het hoofd, de armen of de benen gaan. Ook de slagader bij de slaap (de temporalisarterie) kan ontsteken, dit heet ‘arteriitis temporalis’. Voorheen werd deze term wel gebruikt om de ziekte reuscelarteriitis aan te duiden.
 
Reuscelarteriitis komt voor bij mensen boven de 50 jaar en vaker bij vrouwen dan bij mannen. Soms gaat de aandoening weer over en kan de behandeling in 1 tot 3 jaar tijd worden afgebouwd en gestaakt. Soms blijft chronische behandeling nodig. Daarnaast komt bij 40 tot 60 procent van de patiënten met reuscelarteriitis ook spierreuma polymyalgia rheumatica (PMR) voor. 

Symptomen

Reuscelarteriitis geeft vaak nieuwe (eenzijdige) hoofdpijn. Vaak zit deze pijn bij de slapen en is haren kammen pijnlijk. Ook kan kauwen kramp en vermoeidheid in de kaken geven. Daarnaast kunnen klachten ontstaan bij het zien, zoals een vermindering van het gezichtsveld of dubbelzien. Acute blindheid aan één oog is soms het eerste verschijnsel van de ziekte en dit verbetert maar zelden.

Algemene klachten zoals koorts, malaise (zich niet lekker voelen) en vermoeidheid komen regelmatig voor bij actieve ontsteking. Ook komen pijn en stijfheid van de schouder- en het bekkengebied regelmatig voor, zogenoemde spierreuma, polymyalgia rheumatica (PMR).

Oorzaak

Het is nog niet precies bekend waarom het afweersysteem ontsteking veroorzaakt in bloedvaten bij reuscelarteriitis.

Diagnose

De diagnose reuscelarteriitis wordt door de reumatoloog gesteld, soms door een internist of neuroloog. Vooral het verhaal van de patiënt en het lichamelijk onderzoek zijn belangrijk. Daarnaast kunnen de uitslagen van bloedonderzoek de diagnose ondersteunen: ontstekingswaardes zoals BSE en CRP zijn meestal verhoogd. Auto-antistoffen zijn niet aanwezig. Bij een vermoeden op reuscelarteriitis wordt een arteria temporalis-biopsie verricht, om te onderzoeken of er ontsteking in dit bloedvat zit. 
Soms wordt beeldvormend onderzoek verricht in de vorm van een PET-scan, een onderzoek dat gebruik maakt van lichte radioactiviteit. Hiermee kunnen ontstekingen in de aortaboog zichtbaar worden gemaakt. Voor dit onderzoek worden patiënten verwezen naar Rijnstate in Arnhem of naar MST in Enschede.

Behandeling

Reuscelarteriitis wordt behandeld met prednison. De gebruikelijke startdosering van prednison is één keer per dag 40 tot 60 mg (afhankelijk van de ziekteverschijnselen). Dit kan langzaam afgebouwd worden, afhankelijk van ontstekingsklachten en ontstekingswaardes. Meestal duurt het afbouwen van prednison 1 tot 3 jaar. Daarnaast kan de reumatoloog DMARD’s (Disease Modifying Anti-Rheumatic Drugs) voorschrijven, wanneer het afbouwen van prednison niet lukt door opvlammingen van de ontsteking. Hiermee lukt het dan vaak beter de prednison af te bouwen en de ziekte rustig te houden.

Patiënten met reuscelarteriitis komen regelmatig op controle bij de reumatoloog, die de medicatie eventueel aanpast naar gelang de activiteit van de ziekte. Als het lukt in 1 tot 3 jaar de medicatie af te bouwen en te stoppen, dan zijn geen verdere controles meer nodig.



Deel deze pagina: